Aardgas | energietransitie | overstappen | stadsgas

Tijdens ‘econic live session’ #2 zochten we naar het antwoord op de vraag: ‘Hoe verleiden we een grote groep mensen om mee te doen aan de energietransitie?’ Dat antwoord hebben we gevonden! Door het samenbrengen van waardevolle lessen uit het verleden gepresenteerd door Sven Ringelberg, de heldere schets van het theoretisch kader door Ronald Voorn, de praktische tips van de bevlogen reclamestrateeg Heleen Hidskes én de creatieve inbreng van het publiek.

 

Duidelijke regierol vanuit de overheid

Aardgas heeft Nederland welvaart gebracht. Van kolen, olie en stadsgas overstappen op aardgas nam een vlucht toen centrale verwarming dé standaard werd in Nederlandse huizen. Hoewel we nu wellicht het gevoel hebben dat de transitie naar aardgas in één keer tot stand kwam, ging het in een aantal stappen. Heel duidelijke stappen. Zo duidelijk dat iedereen wist waar hij of zij aan toe was én wanneer. De overheid had hier de regie in.

 

Weerstand tegen aardgas

Natuurlijk was er weerstand. Er waren ongeveer dezelfde tegengeluiden als die we nu in de media horen en lezen over de huidige energietransitie. In de jaren ’60 en ’70 lag de focus op de vraag: ‘Moeten we niet wachten op een betere techniek?’ Toen was de beloofde techniek ‘kernenergie’, zoals wij nu ‘waterstof’ als heilige graal voorgehouden krijgen.
Weerstand ging men te lijf met propaganda. Consequente boodschappen die inzoomden op een paar benefits: het is goedkoop, schoner, veiliger, het geeft minder gedoe én meer comfort. Dankzij deze duidelijkheid kwamen er allerlei initiatieven op gang die hielpen om de overstap op aardgas te omarmen. Van heel gedetailleerde inventarisaties met noodzakelijke aanpassingen tot heel praktische, laagdrempelige cursussen voor koken op aardgas.

 

Inspelen op emoties

Ook nu is hier behoefte aan: we wachten af wat er nog gaat komen, zijn bang om ‘de ultieme’ oplossing mis te lopen of te veel te betalen omdat prijzen misschien nog gaan dalen. Gedrag wordt voor zeker 95% gedreven door het onbewuste, door emotie, weten we na de presentatie van Ronald Voorn over gedragswetenschap. Hoewel wij mensen ervan overtuigd zijn dat we rationeel handelen, keer op keer blijkt dat onze emoties vaak de overhand hebben. Deze lessen uit het verleden van Sven Ringelberg hebben ons geleerd dat als we willen dat duurzame energie krachtig wordt omarmd, we moeten inspelen op emoties.

 

Tipping point?

Maar wat kunnen we concreet doen om het tipping point te bereiken, het moment waarop duurzame energie de norm wordt? Spreker Heleen Hidskes had daar heldere ideeën over: om in het geheugen én het onderbewuste van een grote groep te komen, is het van belang dat de energietransitie een beter label, een meer pakkende naam krijgt. Eentje die tot de verbeelding spreekt, mensen raakt en inspireert. Een naam die in de Dikke Van Dale terecht kan komen.
Kijk bijvoorbeeld naar wat BOB betekend heeft voor het tegengaan van rijden onder invloed, of wat de term ‘plofkip’ gedaan heeft voor het sentiment rondom goedkoop kippenvlees.

Ronald Voorn deelt de mening van Heleen, maar voegde daar wel nog een belangrijke waarschuwing aan toe: ‘Kijk uit met het opleggen van dwang en het creëren van negatieve associaties met iets waarvan mensen vinden dat ze er recht op hebben: het kan de weerstand vergroten. Zorg dat het betere alternatief net zo beschikbaar is als dat wat je wilt ontmoedigen. Bij kip kan dat. Duurzame energie is op dit moment nog minder toegankelijk dan aardgas.’

Kortom, niet te hard van stapel lopen dus, dan haken mensen juist af. Keuzevrijheid helpt!

 

Duidelijkheid, emoties en make it cool!

Drie heldere conclusies die we naar aanleiding van deze econic live session kunnen trekken, zijn:
1. Zorg voor duidelijkheid vanuit de politiek, met duidelijke kaders, realistische stappen en een haalbaar tijdspad.
2. Zorg dat emoties ons de juiste kant op sturen en hou rekening met de sociale omgeving: wat er in onze omgeving gebeurt, heeft grote impact op ons eigen gedrag.
3. Geef de energietransitie een betere naam én maak het cool met associatie, aspiratie en engagement.

"Nadenken is voor mensen zoals zwemmen voor katten. We kunnen het wel, maar doen het liever niet.”